Posts tonen met het label Erik Meurs. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Erik Meurs. Alle posts tonen

maandag 9 mei 2016

Reactie door Mariska Craenmehr op de recensie van Erik Meurs over 'Pizzamaffia'

Reactie door Mariska Craenmehr op de recensie van Erik Meurs over 'Pizzamaffia'
 
Pizzamaffia is zoals Erik Meurs zegt: 'Een spannend jeugdboek in jongerentaal geschreven'. Het was juist de jongerentaal die mij heel erg tegenstond tijdens het lezen van het boek. Wellicht zal het jongeren een stuk meer aanspreken, aangezien ik als docent regelmatig het woordje 'Wallah' hoor vallen in de klas. Ik sluit me aan bij Erik om de schrijver te adviseren een woordenlijst toe te voegen aan het boek. Zo komen alleen in het proloog al woorden voor als: Wallah, arwiena en tazz. Ik kan me voorstellen dat niet elke lezer de betekenis van deze woorden kent. (blz. 9-12, Pizzamaffia)
 
Erik omschrijft in zijn recensie ook de 'clash tussen de Nederlandse en Marokkaanse cultuur'. De schrijver Khalid Boudou is zelf afkomstig uit Marokko en is op vrij jonge leeftijd begonnen met schrijven. In al zijn boeken staat wel iets van de Marokkaanse cultuur centraal.(Jeugdboekenplein.nl) Hij weet als schrijver daardoor als geen ander hoe het is om op te groeien in een totaal andere cultuur dan de Marokkaanse en heeft ook kennis van de 'problemen' die daarmee gepaard gaan. Op die manier weet hij uitstekend aansluiting te vinden bij de huidige jongerencultuur, die tegenwoordig echt niet meer alleen bestaat uit de Nederlandse cultuur. Integratie, discriminatie en het immigratieproces zijn vaak belangrijke thema's in het werk van allochtone schrijvers als Boudou. Toch blijken de meeste buitenlandse schrijvers een afkeer te hebben van de benaming, allochtone of multiculturele schrijver. Ze willen op hun artistieke kwaliteit worden beoordeeld en niet op hun maatschappelijke positie. Daar hoeft Boudou zich absoluut geen zorgen om te maken. Hij behoort inmiddels tot de top van de Nederlandse literatuur. (Van Boven en Kemperink, p. 301-302)
 
Ik ben het met Erik eens dat het gebruik van straattaal en het hip willen zijn er tevens voor zorgt dat het boek niet langer tijdloos is. Chatten, msn-en en een artiest als Justin Timberlake zullen over een paar jaar niet echt meer herkenbaar zijn voor jeugdigen. daardoor wordt het boek op den duur misschien minder aantrekkelijk voor adolescenten doordat ze zich er minder in kunnen herkennen. Aan de andere kant is het een echt boek dat aansluit bij de cultuur van dat moment, wat het ook weer uniek maakt en leerlingen kan aanzetten er met elkaar over in gesprek te gaan.
 
 
Geraadpleegde bronnen:
  • Boudou, K. (2007) Pizzamaffia. Amsterdam: Moon
  • www.leesplein.nl
  • Van Boven en Kemperink. (2012) Literatuur van de Moderne Tijd: Nederlandse en Vlaamse letterkunde in de 19e en 20e eeuw. Uitgeverij Coutinho.

vrijdag 6 mei 2016

Reactie op Brigitte van Beekum en Ime van Berloo betreffende de roman De vliegeraar

Reactie op Brigitte van Beekum en Ime van Berloo betreffende de roman De vliegeraar

Het is enige tijd geleden dat ik dit prachtige boek gelezen heb. Toen ik me wilde voorbereiden op deze blog betrapte ik me erop dat ik het boek volledig aan het herlezen was. Je wordt het verhaal ingezogen door de geweldige verteller die Khaled Hosseini is.

De eerste alinea grijpt je al:

'Op mijn twaalfde ben ik geworden wat ik nu ben, op een kille bewolkte dag in de winter van 1975. (...) dat is lang geleden, maar ik heb geleerd dat het niet waar is wat ze over het verleden zeggen, dat je het kunt begraven. Als ik nu terugkijk, besef ik dat ik de afgelopen zesentwintig jaar die steeg in ben blijven turen.' (De vliegeraar, p.5)

Dit roept al zoveel vragen op en het stukje doet zoveel aankondigingen dat je wil weten wat er dan allemaal gebeurd is in die steeg en waarom het de ik-figuur niet heeft losgelaten.

dinsdag 3 mei 2016

Reactie op recensie Knalhard door Nienke Reessink

Reactie door Erik Meurs

Nienke Schreef een recensie over Knalhard van Caja Cazemier.
Ze noemde het een realistisch geschreven verhaal over zinloos geweld, wat ook als aanleiding kan dienen om het in de klas over zinloos geweld te hebben.
Ik vind dat een goed idee, omdat dit verhaal een goede inkijk geeft over de effecten van zinloos geweld op de langere termijn.
Het is een kwestie waar een slachtoffer langdurig nadelige gevolgen van ondervindt, zijn omgeving zien hun dierbare veranderen en moeten daar goed mee om kunnen gaan en voor daders wordt het duidelijk dat zo'n impulsieve actie vervelende gevolgen heeft voor henzelf op langere termijn. Ook wordt het voor potentiële daders misschien duidelijk dat de gevolgen voor het slachtoffer misschien zwaarder zijn dan dat ze er eigenlijk mee willen bereiken.

Wat ik goed vind aan het boek is dat het hoofdpersonage, Ties, het slachtoffer die na het uitgaan in elkaar wordt getimmerd, een ontwikkeling doormaakt.
In het begin zit hij vooral met schaamte en wil hij door alsof er niks aan de hand is. Tegelijk is hij bang voor mensenmassa's heeft hij last van zijn verwondingen en van schaamte om bekenden onder ogen te komen. 

Het verhaal begint met een poging van Ties om op advies van zijn therapeute een dagboek bij te houden:

'Oké, daar gaat-ie dan.
Vandaag is het 21 december, maar die avond in november... Toen... We gingen... Nee. Op een avond... Nee. Na het feest... Shit. Tering. Klote. ROTZAKKEN.'
(p.5)


Hier zit Ties nog heel erg klem. Hij kan het nog moeilijk onder woorden brengen wat er gebeurd is en wat het met hem doet. 


Het laatste fragment begint zo:

'Dit is ons afscheid, A3. het is inmiddels eind september. Ik schrijf nog één keer, omdat wij elkaar nog één keer zullen zien. Maar wie weet zal ik in de toekomst nog wel eens naar mijn laptop grijpen om mijn gedachten op te schrijven. Je hebt gelijk, het is een handig hulpmiddel bij problemen.'
(p.163)

Zo achterelkaar komt het eigenlijk ook wel weer erg goedkoop en eenvoudig over, maar gezien het proces dat er tussenin beschreven wordt, vormt dit een goede ontwikkeling.

Ik vind het mooi aan de schrijfstijl dat dagboekfragmenten afgewisseld worden met wat er daadwerkelijk gebeurd is. Doordat die fragmenten aanvankelijk voorlopen op de daadwerkelijke fabel krijg je ook cliffhangers die de spanning vergroten.

De spanning zit hem overigens niet echt in het zinloos geweld zelf. Dat gebeurt vrij voorin het boek en wordt vrij kort beschreven. Het boek behandelt vooral de nasleep en de gevolgen van het voorval.

Nienke oppert het idee om in de klas leerlingen te laten uitpluizen hoe het incident door verschillende personages in het boek wordt beleeft. Dat vindt ik een heel goed idee, omdat dat ook de kracht van het boek is. Iedereen zal het in eerste instantie bijvoorbeeld een rotstreek vinden dat Amarins het uitmaakt met Ties, maar doordat de gevolgen van het zinloos geweld voor alle personages goed belicht worden, kun je je wel in haar verplaatsen.

Het feit dat er geen happy Hollywood einde aan zit vind ik ook positief. De daders gaan bijvoorbeeld ook niet helemaal om in een sorry-modus na het slachtoffer-dadergesprek. Ze bleven een beetje ongemakkelijk, stil onderuitgezakt zitten wegkijken. 

Ik begrijp niet helemaal waarom Nienke inschat dat een volwassen lezer het boek moeilijk in één keer uit zou kunnen lezen. De leefwereld van Ties is er inderdaad één van jonge lezers, maar ik had persoonlijk niet het idee dat ik me niet kon voorstellen wat er gebeurde. Het is logisch beschreven. 

Qua taalgebruik denk ik evenals Nienke dat de doelgroep van 12 tot 16-jarige lezers een goede inschatting is. Personages zijn vaker net iets ouder in jeugdliteratuur dan de doelgroep, zodat lezers nog een beetje opkijken tegen die personen. Dat zijn figuren waar puberende kinderen makkelijker iets van willen leren, zonder dat het als opgelegd overkomt.


vrijdag 29 april 2016

Recensie hoe angst klinkt, Hans Hagen

Recensie hoe angst klinkt, Hans Hagen

Gegevens:

Titel:                              hoe angst klinkt
Auteur:                          Hans Hagen
Jaar van uitgave:          2012
Plaats van uitgave:       Amterdam
Uitgeverij:                     Querido


Samenvatting:

Op zoek naar jeugdpoëzie kwam ik al googelend de titel 'ik schilder je in woorden' tegen van Hans Hagen. Die zin vond ik zo mooi, dat ik op zoek ging naar deze bundel en op zoek naar dit werk van Hagen vond ik ook de titel 'hoe angst klinkt'. Deze bundel is geschikt voor 12 jaar en ouder. Het leek me interessant om te lezen hoe een dichter angst omzet in gedichten voor scholieren en daarom heb ik deze bundel aangeschaft. 
Het gaat over eenzaamheid, de eerste gevoelens van liefde en seksualiteit en over de dood.
De gedichten zijn licht en speels, zonder echt om de brei heen te draaien. Sommigen zijn ook heel onschuldig en gaan over de natuur, water of een sneeuwvlokje. Het thema wordt dus breed getrokken, wat het ook afwisselend maakt. Hoe klinkt angst bevat gedichten uit voorgaande bundels of uit eerdere publicaties, anderen zijn geïnspireerd op eerdere gedichten. Aangevuld met nieuw werk omvat het 50 gedichten, consequent zonder hoofdletters en leestekens.
Het zijn vrije verzen, soms met rijm, dan weer zonder, geen vaste ritmes of rijmschema's, maar toch ontbreekt het niet aan ritme en speelse klanken. 

donderdag 24 maart 2016

reactie op recensie van Slavenhaler door Erik Meurs

Graag reageer ik op de recensie van het boek slavenhaler door Erik Meurs. Erik schrijft in zijn recensie dat Ruggenberg de jonge lezer serieus neemt door geen zoet sprookje te maken. Ik ben het met Erik eens dat de jonge lezer niet of nauwelijks in bescherming wordt genomen door de schrijver. Maar in vergelijking met Erik was ik daar niet direct enthousiast over. Tijdens het lezen van het boek heeft mij de heftigheid van bepaalde scenes keer op keer verbaasd. Vol ongeloof heb ik heftige, nare, agressieve passages gelezen, waarvan ik niet kon begrijpen dat ze in een jeugdboek staan. De eerste keer dat ik geschokt was van de heftigheid van het boek was in de volgende passage: ‘Een uur later was de slavenkaravaan weer onderweg. Yao wilde geen tijd verliezen. Ze waren niet ver meer van Arder, maar hoe langer hij over de reis daarheen deed, hoe groter de kans dat onderweg nog meer handelswaar doodging. Elke dag zag de handelaar zijn winst verder slinken. ‘Opschieten, doorlopen,’ schreeuwde hij, terwijl hij somber naar Jaba’s dode lichaam keek dat bij een paar struiken op de grond lag. Naast haar lag de baby. Het kind leefde nog, maar omdat baby’s niets opbrengen had het geen zin om het mee te nemen. Ha!’ (Slavenhaler, p. 128). Deze passage in het boek vind ik erg heftig omdat een klein kind hier het slachtoffer is en mensen handelswaar genoemd worden. Na het lezen van deze passage heb ik het boek een aantal dagen op mijn nachtkastje laten liggen. Dagenlang ben ik van mening geweest dat dit soort gebeurtenissen en beschrijvingen niet thuishoren in een jeugdboek. Inmiddels is mijn mening veranderd. Ik ben gaan beseffen dat de thematiek van het boek, de slavenhandel, een heftige beschrijving van gebeurtenissen vereist. Door deze gebeurtenissen te rooskleurig af te spiegelen zou de jeugd juist het idee kunnen krijgen dat het allemaal wel mee viel. Door deze heftige beschrijvingen niet te geven kan de jonge lezer worden beschermd, maar worden tegelijkertijd de gruwelijkheden en historische feiten verborgen gehouden. Ik vind dat Ruggenberg met dit jeugdboek over de slavenhandel een moedige poging doet om de jeugd een waarheidsgetrouw beeld te geven van een belangrijk deel van onze geschiedenis, waarbij hij heftige gebeurtenissen niet uit de weg gaat.

Ik zou dit jeugdboek aanraden aan mijn leerlingen. Ik zou wel duidelijk aangeven dat het een waarheidsgetrouw boek is over de slavenhandel en dat het daarom heftige passages bevat. Net als Offra en Erik vind ik het boek geschikt voor de onderbouw van het voortgezet onderwijs. Het boek is geschikt om te gebruiken in het onderwijs vanwege de historische feiten waarop het is gebaseerd. De verantwoording en de woordenlijst, achterin het boek, bieden extra mogelijkheden om in een les gebruik van te maken 

maandag 21 maart 2016

Reactie op de recensie "Pizzamaffia" van Erik Meurs door Erik Vloedgraven



Reactie op de recensie "Pizzamaffia" van Erik Meurs door Erik Vloedgraven

Net als Erik heb ik Pizzamaffia gelezen. Naar aanleiding van de recensie die Erik heeft geschreven wil ik graag reageren op het gedeelte “recensie”.

Het eerste punt dat Erik aanstipt in zijn recensie is het taalgebruik in het boek. De schrijver, Khalid Boudou, is zelf van Marokkaanse afkomst en weet straattaal met schrijftaal te vermengen. Erik stelt terecht dat het voor ervaren lezers relatief eenvoudig is om de betekenis van woorden als ‘wallah’  en ‘arwiena’  uit de context te halen. Voor meer beginnende lezers kunnen deze woorden lastiger te begrijpen zijn. Toch ben ik het ook met Erik eens dat dit taalgebruik, met name de spreektaal, voor leerlingen aantrekkelijk kan zijn. Spreektaal en straattaal maken inleving zeker voor VMBO-leerlingen makkelijker. Daarom ben ik het met Erik eens dat het verhaal aantrekkelijk is voor leerlingen om te lezen en dat zij het met plezier zullen lezen. Er zitten genoeg grappige passages in die dit boek aantrekkelijk maken voor jonge lezers vanaf een jaar of twaalf:

‘Die ouwe vrachtwagenchauffeur vroeg om pijlen aan de bar en toen liepen we naar achteren. Ik moest me echt concentreren om niet om te vallen.
Ik kan niet eens normaal tussen de lijntjes schrijven, laat staan pijltjes in de goede richting gooien. De eerste pijlen gingen nog goed. Niet echt in het midden zoals Haas dat deed, maar ik gooide ze in ieder geval op het bord. Maar bij de vijfde keer ging het dus echt fout. Ik vergat, ik weet niet hoe het heet… je weet wel, dat staartje op de achterkant van de pijl. Daardoor zwabberde de pijl naar links en vloog recht tegen een fotolijst waarin allemaal vlaggetjes van motorclubs hingen. Het glas viel in duizenden stukjes op de grond.
Iedereen in de gare tent keek om. Wallah, alsof er net een bomba was ontploft of zo.’ (Pizzamaffia p.89)

De vraag die Erik in zijn recensie stelt over de tijdgebondenheid van het boek is in mijn ogen terecht. Ik ben van een leeftijd dat ik nog weet wat MSN was. Ook weet ik dat Justin Timberlake een zeer bekende artiest was of nog steeds is. Toch denk ik dat dit boek al binnen een aantal jaar moeilijker te lezen is voor de beoogde doelgroep. MSN is nu al niet populair meer en over een paar jaar weten weinig van onze leerlingen nog wie Justin Timberlake was. Daarnaast is het inderdaad de vraag hoe lang deze vorm van straattaal nog hip is. Straattaal verandert net zo snel als de kledingstijl van middelbare scholieren.. Dergelijke zaken maken dat dit boek vrij snel minder goed leesbaar zal worden. Mochten leerlingen dit boek dan alsnog willen lezen, is het bieden van enige context daarbij wel van belang.

Het enige punt uit de recensie van Erik waar ik anders naar kijk is het slot. In het slot komt het verhaal terug bij de proloog. Als lezer weet je dat Brahim achter Haas aangaat, aan het eind van het boek weet je als lezer waarom. Haas (de neef van Brahim) blijkt jaloers te zijn omdat Brahim alles had. Hij wilde hem een kopje kleiner maken, en schuwde daarbij weinig middelen. Uiteindelijk laat Brahim Haas wel leven, hoewel hij een pistool op zijn hoofd richt. Erik valt over het ‘Disney-achtige happy-end’. Dit kan inderdaad wat afgezaagd overkomen op de lezer. Ik zie het echter als een vorm van karakterontwikkeling. Brahim heeft in de achttien maanden die aan deze episode voorafgingen vooral zijn Marokkaanse kant laten zien: hard werken en terugslaan wanneer iemand je slecht behandelt. Brahim kan Haas hier de genadeklap toedienen. Hij doet dit uiteindelijk niet. In mijn ogen kan dit voortkomen uit het feit dat Brahim volwassener is geworden. Hij heeft veel om voor te leven en realiseert zich dat op dat moment. Dat maakt het slot in mijn ogen juist niet kinderachtig. Ik ben het niet meer Erik eens dat deze ingeving van Brahim bedoeld kan zijn om Brahim als held te blijven zien.
Al met al ben ik het wel met Erik eens dat het boek voor de jeugd van nu vanwege de aantrekkelijke schrijfstijl, de grappige situaties en de straattaal waar het boek bol van staat een boek is dat zou moeten aanslaan!

zondag 13 maart 2016

Reactie op de recensie Slavenhaler van Erik Meurs, door Offra Drop

Reactie op Slavenhaler van Rob Ruggenberg.

Hierbij reageer ik op de recensie van Erik Meurs, Slavenhaler, geschreven door Rob Ruggenberg.

Erik uit je recensie lees ik dat je het over het algemeen een goed boek vond, maar dat er een paar kanttekeningen waren.
Dat het boek niet helemaal in de ik-vorm geschreven is, heeft mij niet ontzettend gestoord, maar ik snap je punt wel. Het is geloofwaardiger als je het verhaal echt vanuit beide personage meemaakt. In mijn ogen is de rest van het verhaal geschreven in een hij/zij perspectief en geen auctoriale verteller. Ik heb zelf niet het idee gehad dat iemand van bovenaf het verhaal verteld en al meer weet over de situatie dan Tyn en Obaa zelf.

woensdag 9 maart 2016

Reactie op de recensie Romeo en Julia door Helen Uijlenbroek

Hierbij reageer ik op de recensie van Helen over het boek Romeo en Julia, een 'Makkelijk Lezen' bewerking door Marian Hoefnagels.

Helen geeft aan graag een 'Makkelijk Lezen' boek te lezen om te kijken of het een meerwaarde heeft voor haar leerlingen. Ook ik was nieuwsgierig naar de verschillen tussen normale jeugdliteratuur en jeugdboeken met dit keurmerk. Om die verschillen goed te kunnen ervaren trok deze bekende titel mijn aandacht tussen de recensies. Zo'n klassieker als Romeo en Julia kan goed weergeven wat het effect van eenvoudig Nederlands op een verhaal heeft. 

Om meer aansluiting te zoeken bij de moeilijk lezende jeugd van tegenwoordig had de auteur ervoor kunnen kiezen het verhaal naar de moderne tijd te halen. Daarmee maak je er een modern liefdesverhaal van, wat goed aansluit bij hun belevingswereld, maar zo verlies je wellicht de charme van het misschien wel meest bekende liefdesverhaal aller tijden: het sprookjesachtige Romeo en Julia, afspelend in de lappendeken van Italiaanse stadsstaatjes van de zestiende eeuw. Ik ben persoonlijk blij dat Marian Hoefnagels ervoor gekozen heeft het nog in de zestiende eeuw af te laten spelen en dát wereldje te versimpelen.

zondag 6 maart 2016

Recensie Slavenhaler, Rob Ruggenberg

Gegevens

Titel:                        Slavenhaler
Auteur:                    Rob Ruggenberg
Jaar van uitgave:    2007
Plaats van uitgave: Amsterdam
Uitgeverij:               Querido 






Samenvatting

Het verhaal begint met een proloog, een personale vertelling door Tyn van Campen, de hoofdpersoon van het verhaal. Tyn is geboren rond 1620 en de vertelling begint in 1637, ten tijde van de Nederlandse Gouden Eeuw, tevens een tijd van Europese grootschalige slavenhandel en mensonterende praktijken. Het boek gebruikt de historische termen en interpretaties van de Afrikanen en zwarte slaven, vandaar dat ik dat in mijn recensie overneem. 
Tyn is de zoon van zeeman Johannes van Campen. In een vooruitwijzing in de proloog wijst Tyn zijn vader aan als veroorzaker van al deze ellende. 
Na de proloog ontstaat een auctoriale vertelsituatie die voortduurt tot de epiloog.
We volgen Tyn en zijn halfzus Obaa Hununi, die door zijn vader bij een slavin verwekt is. Hierdoor krijg je mooi twee zijden van het Nederlandse slavernijverleden te zien.

vrijdag 26 februari 2016

Recensie Pizzamaffia, Khalid Boudou

Recensie Pizzamaffia, Khalid Boudou



Zakelijke gegevens

Titel:                        Pizzamaffia
Auteur:                    Khalid Boudou
Jaar van uitgave:     2007
Plaats van uitgave:   Amsterdam
Drukkerij:                Moon
Gelezen uitgave:      2012,Groningen/Houten, Noordhoff Uitgevers BV 


Samenvatting

Pizzamaffia gaat over Brahim en zijn familie.
Brahim is een jongen van Marokkaanse komaf en zijn vader heeft een pizzazaak.
Zijn vader kampt met reuma en heeft zijn broer in de zaak gezet. Oom Faris is een veel modernere uitbater dan Brahim’s vader en de zaken lopen steeds beter. De driftige vader merkt echter dat er geld verdwijnt en er ontstaat ruzie, omdat vader oom Faris niet meer vertrouwd.
Het loopt zo uit de hand dat oom Faris met zijn zoon Iljas (die continu Haas genoemd wordt) een eigen zaak begint, middenin het winkelcentrum. Brahim wordt door zijn autoritaire vader in de zaak gezet. Brahim slaagt hier behoorlijk in, maar de goede havoleerling gaat spijbelen en verwaarloost zijn vriendinnetje, op wie hij zo gek is.
Ondertussen vindt er een ware concurrentieoorlog plaats tussen pizzeria Novarre en het nieuw opgerichte Melodia. De goede herinneringen aan de familiebanden zorgen voor wrijving met de nieuwe realiteit.
Als Haas Alice met een geëdit filmpje bij Brahim wegdrijft knapt er ook bij Brahim iets en gaat hij wraak nemen. ‘gebeurd is gebeurd,’ is de gedachte waarmee het boek begint en de hoofdfabel eindigt.


Recensie

Pizzamaffia is een spannend jeugdboek, in jongerentaal geschreven. In principe zijn het eenvoudige zinnen en worden personages helder voorgesteld als ze worden aangedragen. Brahim is de hoofdfiguur die de familievete vanuit zijn ogen beschrijft. Er wordt veel straattaal gebruikt, stoere taal, maar ook echt scheldwoorden. Dit kan lezers aantrekken of juist afstoten. Jonge lezers kunnen zich zo misschien makkelijker met de hoofdpersoon identificeren, maar het kan het ook lastiger maken, want ik twijfel of de meeste leerlingen uit bijvoorbeeld mijn woonplaats Bemmel al deze termen kennen. Daarnaast komen er ook nog veel Marokkaanse woorden in voor. Als volwassen, redelijk ervaren lezer kan ik meestal wel inschatten wat de woorden betekenen. Ik behoor wel niet tot de doelgroep, maar verwacht wel dat ik beter uit de context kan halen wat onbekende woorden betekenen, dan een leerling van 12 jaar. Ik had de schrijver graag geadviseerd om een woordenlijst toe te voegen aan het verhaal. Voor mezelf heb ik er tijdens het lezen ook een opgesteld. Zo’n lijst kan het leesgemak bevorderen, maar misschien wordt het juist als tof ervaren door scholieren dat dit in een soort eigen slang/codetaal is opgeschreven.

Wat ik erg mooi vind is de clash tussen de Nederlandse en Marokkaanse cultuur die hier vrij subtiel in naar voren komt. Het is een boek dat moeilijkheden van de multiculturele samenleving presenteerd. Brahim leeft tussen twee culturen. Hij is een slimme havoleerling en heeft een Nederlands vriendinnetje die uit een welgestelde Nederlands-autochtone familie komt. Brahim is dol op haar en ontzettend trots. Zijn vader, Amar, is nog van de oude stempel en vindt Brahim een slapjanus, omdat hij harder moet zijn in zijn ogen. Hij moet hard werken in de zaak in plaats van tienen halen voor wiskunde en hij moet zijn concurrent kapot willen maken in plaats van zijn oom te vriend willen houden.