woensdag 11 mei 2016

Reactie op de recensie "De vliegeraar" van Ime van Berlo door Helen Janssen


 
De vliegeraar heb ik de eerste keer ruim 10 jaar geleden gelezen en afgelopen maand weer uit mijn boekenkast gepakt. Ik vind het een zeer aangrijpend boek waardoor je de cultuur en leefomstandigheden in Afghanistan beter leert begrijpen. Khaled Hosseini is er in geslaagd om me vanaf het begin van het boek mee te slepen in het verhaal.
 
Zoals Ime al zei: “Het verhaal in ‘De vliegeraar’ laat zien dat een vriendschap tussen twee jongens mogelijk is, ondanks het klassenverschil of de problemen die er spelen in een land.”

In het begin van het boek is dit zeker het geval, maar naarmate ze ouder worden, verandert er iets.
 
Deze alinea laat dit onder andere zien:
“Wist je dat Hassan en jij aan dezelfde borst gezoogd zijn? Wist je dat, Amir agha? Sakina heette ze. Het was een blonde, blauwogige Hazara-vrouw uit Bamiyan en ze zong oude bruiloftsliedjes voor jullie. Ze zeggen dat er een broederschap bestaat tussen mensen die aan dezelfde borst gezoogd zijn. Wist je dat? (De vliegeraar, p 73)
Deze herinnering kwam bij Amir boven, nadat Assef tegen Hassan zei dat Amir geen goede vriend van hem was en zijn vlieger af wilde pakken. Hassan werd aangevallen door Assef en twee anderen, hij sloeg tegen de grond. Amir beet op zijn vuist en deed zijn ogen dicht. Toen kwam de herinnering naar boven. 

Het verhaal gaat over vriendschap en de onmogelijkheid om in Afghanistan een goede vriendschap te hebben met iemand van een andere klasse. De drie jongens die Hassan te grazen namen, probeerden hem dit te verduidelijken. Hij was maar een Hazara, met een lagere status dan de drie jongens. Je wilt verder lezen om te weten waarom Hassan alleen in die steeg is en waarom Amir hem niet te hulp schiet. Laat een echte vriend zijn beste vriend alleen achter bij drie andere jongens, terwijl hij net heeft gezegd dat jij zijn vriend bent en je weet dat hij misbruikt wordt? Waarom verraadt hij zijn vriend?
Het verhaal roept veel vragen op, waardoor je steeds verder wilt lezen. Hosseini is een meesterlijk verteller die het lukt om beelden op te roepen in je hoofd, zodat je het verhaal voor jezelf kunt verbeelden. Door de beeldende beschrijvingen krijg je een reëel beeld van het leven in Afghanistan, de inval door Rusland en de bezetting van de Taliban.

Ik vind net als mijn medestudenten dat De vliegeraar geschikt is als adolescentenroman, mede door de benodigde achtergrondinformatie over de Arabische samenleving en de beschrijvende informatie over de geschiedenis van Afghanistan. 

Ime geeft bij haar waardeoordeel ook een tweede argument om het boek te lezen.
“Voor mij is dit boek namelijk een kennismaking met een cultuur waarvan ik nog niet zo veel wist, de Afghaanse cultuur. Dat er al jarenlang veel onrust heerst in Afghanistan is niet nieuw voor me. Wel nieuw voor me zijn de achtergronden van deze onrust die beschreven worden in dit boek en beleefd worden vanuit de hoofdpersoon Amir.”
“Deze achtergronden worden niet zakelijk beschreven in het boek maar worden verweven in het verhaal waardoor ik tijdens het lezen steeds meer begrip kreeg voor de personages van Amir en Hassan.
De bijzondere vriendschap tussen Amir en Hassan en de achtergrondinformatie over de geschiedenis van Afghanistan en de klassenverschillen in dit land hebben het boek ‘De vliegeraar’ voor mij een mooi en indrukwekkend boek gemaakt om te lezen.” 

Hetzelfde geldt voor mij, door dit boek heb ik een realistisch beeld gekregen over de cultuur en sociale verschillen die er in Afghanistan heersten. Ik heb het indrukwekkende boek in één adem uitgelezen.

 

Reactie op de recensie "Kruistocht in spijkerbroek" van Pia Hannes door Helen Janssen


 

Toen ik nog een reactie moest schrijven over een jeugdboek en op het blog keek welk boek ik graag zou willen lezen, viel mijn keuze direct op Kruistocht in spijkerbroek. Ik heb goede jeugdherinneringen aan het boek en heb het op de lagere school voor de eerste maal gelezen. Zelden lees ik een boek vaker dan eenmaal, maar Kruistocht in spijkerbroek is hier een uitzondering op. In mijn jeugd heb ik het voor een tweede maal gelezen en nu weer voor dit fictieblog.

Thea Beckman is in staat om beeldend te vertellen over de periode die ze beschrijft. Kruistocht in spijkerbroek voert je mee naar de Middeleeuwen. Je krijgt als lezer een beeld van de leefomstandigheden tijdens de Middeleeuwen. Ik kan me goed vinden in het onderstaande citaat uit de recensie van Pia.

“Het geschetste wereldbeeld is heel realistisch, natuur, kleding en steden zijn precies beschreven. In 1212 zijn inderdaad twee Kinderkruistochten geweest. De vraag is alleen of het daadwerkelijk om kinderen ging, of om ontheemde boeren (de vertaling van het Latijnse pueri, jongens, kan in de Middeleeuwen beide betekenissen hebben).

In combinatie met de tegenstelingen in de twintigste eeuw, de leef- en ervaringswereld van de jonge lezer, roept Beckman met haar beschrijvingen een gevoel voor de cultuur en de tijdgeest anno 1200 op.”

Ik kan me ook vinden in de volgende opmerking van Pia:

“En toch, ondanks alle veranderingen en ontwikkelingen blijft Kruistocht in spijkerbroek een boeiend, spannend en ontroerend boek. Juist ook omdat het universele, principiële waarden en normen als hoofdthema heeft.”

Ondanks dat er veel veranderd is en de leefomstandigheden heel anders zijn, blijft Kruistocht in spijkerbroek aanspreken, mede door de herkenbare universele, principiële waarden en normen van het hoofdthema. Leerlingen kunnen zich ook identificeren met de hoofdpersoon Dolf.

 Zelf gebruik ik tijdens mijn lessen aan de onderbouw vmbo, de film Kruistocht in spijkerbroek al jaren. Daar koppel ik een opdracht aan, waarbij de leerlingen 4 pagina’s van het boek vergelijken met de gebeurtenissen in de film. Op die manier ervaren ze dat filmmakers veranderingen aanbrengen in het verhaal. Vaak denken leerlingen dat een verfilmd boek exact hetzelfde verhaal is wat ze te zien krijgen in de film. Door deze opdracht ervaren de leerlingen dat dit niet klopt.

Reactie op recensie van Helen Uijlenbroek 'Romeo en Julia' van Marian Hoefnagel door Suzanne de Jonge


Omdat het verhaal van Romeo en Julia zo bekend is, heb ik er net als Helen voor gekozen om dit boek te lezen. Natuurlijk een goede bijkomstigheid dat dit boek door 'moeilijke lezers' te lezen is.

Ik ben zelf geen moeilijke lezer, maar ik houd absoluut niet van lezen. Ik kan me dus vinden in de opmerking van Helen dat dit boek aansprekender zal zijn voor de doelgroep door de dikte (of eigenlijk juist het dunne) van het boek. Mijn ervaringen vanuit het speciaal basisonderwijs, waar veel leerlingen zitten die moeite hebben met lezen, is dat een dun boek veel aantrekkelijker is omdat het minder tijd kost, waardoor de leerlingen de aandacht erbij kunnen houden. Natuurlijk moet het verhaal dan alsnog wel leuk zijn, maar dat vind ik bij Romeo en Julia zeker het geval. Het is een toegankelijk boek door het gemakkelijke taalgebruik, het verduidelijkte verhaal en de spanning die wordt opgebouwd.

Wat Helen niet aanhaalt, maar wat ik wel opvallend vond, is dat de hoofdstukken allen kort zijn. Met maximaal twee bladzijden ben je door een hoofdstuk heen. Daarbij zijn ook de alinea's kort en daardoor ziet het boek er overzichtelijk uit.
Daarbij is het verhaal heel bekend, maar van oorsprong ingewikkeld. Ik kan me voorstellen dat leerlingen het oorspronkelijke verhaal niet zo interessant, langdradig en moeilijk vinden. Hoefnagel legt het verhaal makkelijk uit en daarbij haalt ze achtergronden aan, waardoor het verhaal duidelijker is.

Tot slot ben ik het eens met de mening van Helen dat het verhaal wellicht een beetje braaf is. Jongeren komen tegenwoordig met veel geweld en snelheid in aanraking, wat als heel normaal en vanzelfsprekend wordt ervaren. Ik vind Romeo en Julia in de hertaling dan ook een verademing door de rust van het verhaal.


Reactie op recensie van Huub Braun 'De jongen in de gestreepte pyjama' van John Braun door Suzanne de Jonge

Huub heeft de recentie geschreven op De jongen in de gestreepte pyjama, waar ik op wil reageren.
Onder andere de volgende passage wordt door Huub aangehaald:

'Hij keek omlaag en deed iets wat hij anders nooit zou doen; hij pakte Schmuels kleine handje en hield die stevig in de zijne.
'Jij bent mijn beste vriend, Shmuel,' zei hij. 'Mijn beste vriend voor altijd.'
Misschien deed Shmuel zijn mond open om iets terug te zeggen, maar Bruno hoorde het niet want op dat moment klonk een luide kreet van de mensen die in de ruimte waren omdat de deur aan de voorkant plotseling werd gesloten en er van de buitenkant een hard metalen geluid klonk. (...) En toen werd de ruimte heel donker en op een of andere manier, ondanks de verwarring die daarop volgde, merkte Bruno dat hij nog steeds Shmuels hand vasthield en niets ter wereld had hem kunnen bewegen die los te laten.' (De jongen in de gestreepte pyjama, p. 201)

Huub geeft aan dat het boek grote indruk op hem maakt. Ik kan me voorstellen dat passages als deze als schokkend of zeer bedroevend kunnen worden ervaren door de doelgroep (jongeren vanaf 14 jaar). Het makkelijke taalgebruik en de veelal korte zinnen maken dat Boyne indruk op mij maakt waardoor ik verder wil lezen. Ik heb -al lezend- niet stilgestaan bij het feit dat dit verhaal historisch gezien niet plaats kan hebben gevonden.

Het onderwerp 'oorlog' heeft mijn afkeer en tegelijkertijd mijn interesse. Dat is een belangrijke reden dat ik voor dit boek heb gekozen. In de wereld van vandaag is oorlog een veelbesproken onderwerp. Overal op de wereld ontstaan er conflicten waardoor wellicht de angst voor en interesse in oorlog wordt gewekt. Ook de dodenherdenking en bevrijdingsdag kunnen aanleiding geven tot interesse in dit onderwerp. Ik ben het eens met Huub dat het boek een must is als je geinteresseerd bent in de Tweede Wereldoorlog of situaties die zijn ontstaan in oorlogssituaties.

De beschrijving van Bruno en Shmuel is zo, dat ik medelijde en verdriet voelde. Wat mij betreft dus ook een aanrader als je graag leest over vriendschap.

'Wil je me nog steeds naar papa helpen zoeken?' vroeg Shmuel, en Bruno knikte vlug. 'Natuurlijk,'zei hij, ook al was voor hem het zoeken naar Shmuels papa niet zo belangrijk als het vooruitzicht om de wereld aan de anderen kant van het hek te ontdekken. 'Ik laat je niet in de steek.' (De jongen in de gestreepte pyjama, p. 191)

Reactie door Miranda Nieboer op de recensie van Ime van Berloo en op de reactie van Brigitte van Beekum over het boek 'De vliegeraar



Reactie door Miranda Nieboer op de recensie van Ime van Berloo en op de reactie van Brigitte van Beekum over het boek 'De vliegeraar'.


Ook ik wil heel graag reageren op de recensie van Ime van Berloo en de reactie van Brigitte van Beekum over het boek ‘De Vliegeraar’. Met stip op 1 mijn mooiste boek ooit. Ik weet nog dat ik het gekocht had, vlak nadat het uitgebracht was, en ik het één ruk uitlas. Het verhaal van de vriendschap tussen Amir en Hassan die op een ontzettend wrede manier stukloopt en de ruimte waarin het allemaal afspeelt zo mooi omschreven wordt, vind ik prachtig. Hosseini beschrijft zo mooi, dat het je niet meer loslaat. Je waant je echt in het verre Afghanistan. Je krijgt inzicht in de cultuur en de omgeving. Het boek ontroerde me en liet me niet meer los. Met afschuw heb ik het stukje van het in elkaar slaan van Hassan gelezen, zo wreed. De volgende passage waarop Amir het in elkaar van Hassan van een afstandje bekijkt, vond ik erg aangrijpend. Ik had een laatste kans om een beslissing te nemen. Een laatste kans om te beslissen wie ik zou worden. Ik kon die steeg in stappen, voor Hassan opkomen- zoals hij al die keren in het verleden voor mij was opgekomen- en aanvaarden wat er met me zou gebeuren. Of ik kon wegrennen. Uiteindelijk rende ik weg. Ik rende weg omdat ik een lafaard ben. p.76.
Brigitte reageert op Imes recensie dat ze twijfelt over de echtheid en de gelijkwaardigheid van de vriendschap tussen de jongens. Ik begrijp haar twijfel wel, zeker als je de passage leest die zij citeert. Echter denk ik dat die passage een houding is van Amir. En niet wat hij daadwerkelijk voelt. Hij is helemaal niet mijn vriend! had ik bijna uitgekraamd. Hij is mijn bediende! Had ik dat echt gedacht? Natuurlijk niet. Natuurlijk niet. Ik behandelde Hassan goed, als een vriend, beter zelfs: meer als een broer. Maar als dat zo was, waarom speelde ik alleen met Hassan als er niemand anders in de buurt was? p.41.
Ik ben van mening dat dit een houding is van Amir. In een land waar er grote verschillen in rangen en standen zijn, is zo’n plotselinge afwijzende reactie van Amir misschien wel begrijpelijk. .  De kinderen worden van jongs af aan opgevoed met de ongelijkheid tussen klassenverschillen. Hij schaamde zich voor de vriendschap met Hassan, een Hazara, tegenover de stoere Assef, Wali en Kamal.
In de laatste passage  gaat Amir vliegeren met zijn zoon. De volgende citaat gaat over zijn zoon, maar indirect ook over Hassan kan ik me zo voorstellen. ‘Voor jou doe ik alles,’ hoorde ik mezelf zeggen. Toen draaide ik me om en begon te rennen. Het was maar een glimlach, meer niet. Dat maakte heus niet alles opeens goed. Het maakte helemaal niets goed. Iets heel kleins.’ P.345.
Dit is voor mij een bevestiging dat de vriendschap tussen de jongens heel diep heeft gezeten, ondanks de klassenverschillen. Een prachtig boek!

dinsdag 10 mei 2016

Recensie: Er zwom een garnaal door het kattegat

Boekgegevens dichtbundel

Titel:              Er zwom een garnaal door het kattegat
Auteur:             Daan Zonderland, samengesteld door Dick Welsink
Jaar van uitgave:   2007
Plaats van uitgave: Amsterdam, Uitgeverij Bert Bakker




Samenvatting:

Dit boek bevat het verzameld werk van Daan Zonderland, een van de meest gebloemleesde dichters van Nederland. Veel mensen kennen zijn gedichten, bewust of onbewust. Zo is veel van zijn dichtwerk te vinden op internet, of opgenomen in poëziekalenders of bloemlezingen.

Daan Zonderland leefde van 1909-1977. Hij was docent Engels en correspondent van het dagblad De Tijd in Londen. Hij schreef diverse kinderboeken maar ook vele kolderrijmen en gedichten. Dit boek is dus een verzameling daarvan, samengebracht door letterkundige Dick Welsink.

Eigen mening:
Het leuke aan deze bundel is dat de gedichten best al gedateerd zijn. Toch lijkt dit helemaal niet zo te zijn. Veel gedichten zijn nog erg herkenbaar en gaan over dagelijkse of eenvoudige dingen, zoals bijvoorbeeld:

't Kangoeroetje
Droeg een hoedje
en een hemd met
Een koord eraan.
Als hij een vriend zag,
Nam hij zijn hoed af,
Maar zijn hemdje
Hield hij aan.

In zijn gedichten spelen uiteenlopende figuren de hoofdrol, waaronder vele dieren, maar ook kinderen, volwassenen. Juist deze verscheidenheid maakt het leuk om deze gedichtenbundel te lezen.

Doelgroep:

'Gedichten voor kinderen en andere volwassenen', wordt vooraan in het boek aangegeven. Dat klopt naar mijn mening ook wel. De gedichten zijn over het algemeen laagdrempelig en goed te begrijpen voor jongeren en ook erg leuk voor volwassenen. Hoewel er ook wel verschil in leesniveau is te zien. Zo worden de gedichten bij het hoofdstukje, 'De kok van marienbad'  voorafgegaan door Franse zinnen, die niet elke adolescent zal begrijpen. Om er maar een paar te noemen: 'quand je la vois, je passe mon tourment', 'amants, vous qui cherchez à plaire'. (Er zwom een garnaal door het kattegat, p. 95 en 97)

Andere gedichten zijn weer heel laagdrempelig zoals deze:

Een lama vroeg aan de nachtegaal:
'Wil jij een liedje zingen?
Dan zal ik voor je dochtertje
Een wollen nachthemd spinnen'.

'Wat denk je wel?' zei de nachtegaal.
'Ik zing geen lied voor lama's.
En wie trekt er nu nog een nachthemd aan?
Wij dragen alleen pyjama's.
(Er zwom een garnaal door het kattegat, p.30)

Reactie op recensie van Pia over Thea Beckmans "Kruistocht in spijkerbroek" door Ewald Hermsen


Mening

Ik was erg verrast door de keuze van Pia voor Kruistocht in spijkerbroek.
Dit boek is een ankerpunt geweest in mijn jeugd en ik heb het een keer of zeven gelezen, ik ben de tel kwijt.
Deze blog bood mij de gelegenheid om het boek opnieuw te lezen en het heeft niks verloren van zijn poëtische zeggingskracht. Thea Beckman kan als geen ander boeken schrijven die je een beeld geven van de tijd die ze beschrijft.
Ik durf wel te zeggen dat een groot deel van mijn geschiedenisonderwijs aan de basisschoolkinderen gebaseerd is op de boeken van Thea Beckman.

Ik ben het volledig eens met Pia dat de beoogde lezer zich uitstekend kan identificeren. Ik zie mezelf in gedachte al een algebrales geven aan een voorbijganger in de middeleeuwen zoals Dolf deed. Ik hoor mezelf uitleggen hoe besmettelijke ziektes bestreden moeten worden en ik voel de angst van Dolf om voor ketter uitgemaakt te worden in deze strengreligieuze tijd.

Pia schrijft hoe de lezer ervaart dat kennis van het verleden kan verklaren waarom wij vandaag denken en doen zoals we dat doen en dat is de spijker op zijn kop. Inderdaad staat dit boek vol met universele, principiële waarden en normen die tot op de dag van vandaag geldig zijn, misschien wel meer dan ooit in het huidige verwarrende tijdsgewricht.

Ik denk dat Pia zich nog voorzichtig uit in haar voorspelling dat we over pakweg tien jaar een type Oculus Rift opzetten en ons in elk gewenste wereld kunnen begeven. De augmented realitybrillen liggen al klaar.
Maar technische hulpmiddelen zijn overbodig: de tijdmachine ligt al klaar, bij mij in de vorm van een stukgelezen exemplaar van "Kruistocht in spijkerbroek".

Een blijvende aanrader

Ewald Hermsen

Geraadpleegde bronnen:
  • Beckman, T. (1973) Kruistocht in spijkerbroek. Rotterdam: Lemniscaat